UA-104319606-1

trektocht

  • Eifel Zu Pferd

    Vorig weekend maakten we een driedaagse trektocht te paard doorheen de Eifel via de organisatie Eifel zu Pferd. Het was schitterend; ontzettend mooie natuur die zich echt leent tot lange tochten en ongelofelijk gastvrije en vriendelijke mensen in de 'Reitstations' ofteweg bed and breakfasts voor ruiter én paard waar we verbleven. Een enorme aanrader.
    Voor de geïnteresseerden volgt hieronder een uitgebreid verslag...

    Door de hele Figo-onder-narcose-affaire waren we te laat vertrokken donderdagavond, op driedaagse trektocht 'Eifel zu Pferd'. We werden eigenlijk al om 19u ginder verwacht, en door nog wat verloren te rijden over verlaten dorpsbaantjes in het duister in een ons onbekende streek, was het ruim 20u30 eer we toekwamen bij Haus Fexen in Rocherath. Groot was onze verbazing dan ook toen ons gezelschap van vier andere ruiters en de zes paarden voor onze kleine groepsuitstap, ook nog niet ter plekke bleken. Da’s alvast een kenmerk van dit soort uitstapjes te paard, we zijn nooit op tijd…

    Tegen kwart na negen kwam dan toch de rest aan, en konden we de paarden naar de weide brengen wat verderop in het dorp en daarna onze voeten onder tafel schuiven voor een lekker avondmaal. Ondertussen had mijn wederhelft constant het gevoel dat hij het daar al kende, en zo bleek algauw dat gastvrouw Monique nog heeft meegedaan aan het programma ‘De Nieuwe Mama’ en dat het dus daarom was dat alles ons licht bekend voorkwam…

    Vrijdag ging de wekker al om 7u30, en dat voor een vakantiedag. Maar een ruitervakantie is een actieve vakantie, en zo stonden we om 8u al te bevriezen op de weide om de paarden hun ontbijt te geven. Een half uur later volgde dan ons eigen ontbijt. Dan kwam het lange werk van paarden halen, poetsen, gerief uit de vrachtwagen slepen, de picknick klaarmaken en ten slotte de paarden opzadelen voor de dagtocht. Het was al 11u eer iedereen in het zadel zat en we aan onze trektocht begonnen.

    Onze eerste tocht liep door de natuur op de grens van België en Duitsland. Lange tijd ging het letterlijk langs de grens, zo liepen we op een bepaald moment door een natuurgebied in een dal waar ons pad nog in België lag maar de dicht beboste heuvel aan de andere kant van het kleine riviertje al Duitsland. Een schitterende wandeling waarbij we van de ganse dag geen mensen of huizen tegenkwamen.
    Op een bepaald moment versperde een boom echter het blijkbaar zeer weinig gebruikte padje, en zat er niets anders op dan de paarden een voor een los te laten het dal in en ze dan te voet aan de teugel door de moeilijk begaanbare ondergrond daar te leiden, op zoek naar een manier om weer op ons pad op de helling te raken. Dit ging moeizaam en hierdoor verloren we makkelijk een uur tot anderhalf uur tijd. Ondertussen werd het 13u, 14u, 14u30 en hadden we nog niet gestopt om te lunchen en werd de sfeer hoe langer hoe grimmiger omdat we de weg niet meer wisten en daar helemaal alleen in die verlaten bossen zaten (waar trouwens ook geen gsm-bereik was). Omdat we onze voorziene picknickplek (op 2 km zogezegd, die ‘het is nog 2 km’ werd de rest van het weekend de running joke…) maar niet bereikten en het ondertussen 15u30 was geworden, aten we dan maar op een donkere, vochtige plek in het bos.

    We waren geen klein beetje opgelucht toen we tegen 19u eindelijk in de bewoonde wereld aankwamen. Ondertussen had onze gastvrouw al enkele keren proberen bellen omdat ze al serieus ongerust begonnen te worden waar we zo lang bleven. Na nog een half uurtje zoeken in het dorp zelf, bereikten we om 19u30 (na een tocht van 8u30!) eindelijk onze slaapplaats Dröfter Hof in het Duitse dorpje Rohren.

    Hier werden we superhartelijk ontvangen door gastvrouw Danny en haar bejaarde vader, die meteen met shnaps kwam aandraven. De paarden kregen ieder een eigen paddock en hun avondmaal en tegen 20u30 schoven ook de mensen aan tafel voor een decadent uitgebreid avondmaal. Mij zal je nooit nog horen zeggen dat de Duitse keuken op niets trekt; we kregen heerlijke tomatenroomsoep, ik kreeg een zelfgemaakte broccolitaart met ui met nog een hoop saus, groenten en een slaatje met verse vijgen en dan volgde nog een megagroot ijsje met een sausje van rode vruchten. Er is geen een die het allemaal opkreeg…

    Zaterdagochtend verliep net als vrijdagochtend; op tijd opstaan, vol spierpijn, ontbijten en paarden klaarmaken. Het was opnieuw 11u toen we de terugtocht naar België aanvatten. Deze keer veel meer over asfaltwegen dan de onverharde bospaadjes van de dag voordien.
    Wanneer we aan het kamp van Elsenborn kwamen, stond op het aanplakbord daar dat het kamp volledig verboden was op deze zondag. Een omweg maken zou de toch echter zodanig vergroten dat we waarschijnlijk weer meer dan 8u in het zadel zouden zitten, waar niemand echt happig op was. Op het bord stond een telefoonnummer, en volgens het antwoordapparaat daaraan verbonden was het domein wel toegankelijk vandaag. Het was toch maar met een klein hartje dat ik het immense domein introk, maar we zijn niet beschoten of gebombardeerd geweest (ik had natuurlijk net de week voordien een aflevering van de serie Weeds gezien waarin een rekruut een bom door zijn buik krijgt…). Om van de saaie asfalt weg te zijn leidde onze gids ons af en toe een stukje de bossen in, en in plaats van recht naar huis te gaan maakten we nog een omweg van een klein uurtje langs de bossen voor een laatste lang eind stevige galop. We klokten af op een tocht van 6u30, ideaal. In Haus Fexen wachtte al een warm avondmaal op onze vermoeide magen.

    Zondag, of alweer de laatste dag van onze driedaagse. Net zoals de andere dagen scheen de zon de ganse dag aan een stralend blauwe hemel, maar was het in de bossen en ’s morgens en ’s avonds wel gemeen koud.
    Vandaag een tocht in de omgeving zelf, een grote lus. Het begon als een schitterende tocht, iets meer wandelaars en dorpjes tegengekomen dan de dagen voordien, maar ook schitterende stukken galop gedaan door de natuur. Net zoals voordien ook gepicknickt in de bossen, zoals het de echte trekruiter betaamt; paarden vastgemaakt aan een boom en zelf wat verder op de grond ons lunchpakket opgegeten.

    Een beetje later raakte de gids echter de weg kwijt; we kozen een aantal keer een pad om wat nadien terug te keren op onze passen en een ander pad uit te proberen. We kwamen in onmogelijke, gevaarlijk drassige brandgangen in de bossen terecht (gevaarlijk omdat een paard zijn voet kan komen vast te zitten en kan vallen, op zijn ruiter bijvoorbeeld). Wat later vonden we echter een beter pad, langs een stuk gerooid bos. Alhoewel het pad ok leek, is het toen helaas grondig misgegaan. Ik reed derde, en zag plots de twee paarden voor mij (waaronder mijn wederhelft), vertrekken. Alles ging razendsnel, voor ik doorhad wat er gebeurde vloog mijn eigen paard van het pad af en ging het in rengalop het pas gekapte braakland op. Ik verloor mijn evenwicht maar slaagde er op het nippertje in in het zadel te blijven. Wanneer ik mijn paard onder controle kreeg en we stil bleven staan, hoorde ik geschreeuw, en bleken twee ruiters gevallen. Ik ben zo snel mogelijk daarheen gerend en heb dan de andere paarden vastgehouden, want veel was er niet dat ik kon doen; een ruiter was half ok, maar de andere lag op de grond te hijgen en kon niks meer zeggen, ze had ook haar ogen dicht. Gruwelijk. Vermoedelijk heeft ze een of meer ribben gebroken. Toen ze na een tijdje iets meer bij positieven kwam, wou ze echter perse te paard terug naar onze bed and breakfast keren, en zijn we dus in zo rustig mogelijke stap via de asfaltwegen naar Rocherath teruggekeerd. Ook al waren we wat verloren gelopen, onze gids vond gelukkig vrij snel de weg terug, maar het duurde toch nog meer dan een uur eer we terug echt in de bewoonde wereld aankwamen.

    Aan het avondeten was de stemming bedrukt, iedereen was verschrikkelijk hard geschrokken en ongerust. Zelfs de paarden leken aan te voelen dat er iets serieus mis was. Ondertussen blijkt het verdikt voor dat meisje zeker 6 weken buiten strijd, en veel pijn. Brrrr…