rock

  • Kings Of Leon @ L'Olympia - Paris

    Een weekendje Parijs, een onvergetelijk concert in een legendarische concertzaal, laten we eerlijk zijn, zo’n fantastisch cadeau had ik nog nooit gekregen. Ondertussen zit het weekend erop en loop ik nog steeds op wolkjes…

    Ons hotel lag om de hoek van L’Olympia, handiger kan bijna niet. Toen we om 16u30 naar ons hotel wandelden stond er tot mijn grote verbazing al een lange rij aan de concertzaal, en dat twee uur voor de deuren opengingen. Licht gealarmeerd beperkten we ons tot een snelle hap en liepen omstreeks 19u (enorm vroeg dus voor ons doen) al L’Olympia binnen.
    De zaal, met de neonletters boven de ingang, maakte alle hooggespannen verwachtingen waar. Binnenin hangt de gezellige sfeer van de AB, maar doordat er zowel een zit- als een staangedeelte is, kan er een pak meer volk in. De zitplaatsen komen echter bijna volledig boven de staanplaatsen, waardoor je niet het bunkergevoel krijgt zoals in pakweg Vorst of de Lotto Arena, maar de zaal gezellig en goed van geluid blijft terwijl iedereen een uitstekend zicht heeft, aangezien zelfs het staan-gedeelte licht naar boven helt.
    Mijn angst om geen goed plekje meer te hebben bleek gelukkig onterecht, een uur voor het voorprogramma zou beginnen konden we nog makkelijk tussen de zittende menigte door naar de vijfde rij wandelen. Dan was het nog een uurtje wachten geblazen op The Ettes, een eenvoudig rockgroepje bestaande uit een bassist, een drumster en een gitariste/zangeres met niet bijzonder interessant stemgeluid. Simpele rechttoe-rechtaan rock en op die manier wel een leuke opwarmer, maar aangezien het grote muzikanten noch geniale songschrijvers zijn verwacht ik er verder weinig van te horen.
    KOL

    Hoe groot de Kings Of Leon ondertussen geworden zijn (het concert was vrij snel helemaal uitverkocht), toch lieten ze het publiek niet wachten. Iets voor 21u al bestegen de mannen onder een overdonderend applaus en gejoel het podium, om met Crawl meteen lekker vettig te starten.

    Ik heb Kings of Leon pas ontdekt ten tijde van de single On Call, in 2007. Ik moest meteen de cd (Because of the Times) hebben, en dat werd voor mij een van dé platen van 2007 en 2008. Ik heb ze niet grijs gedraaid, maar wit. De nummers van hun twee voorgaande platen, waren mij echter grotendeels onbekend, moet ik tot mijn schaamte toegeven.
     In 2008 zag ik ze voor het eerst live op Rock Werchter en eind dat jaar kwam ook Only by the night uit, hun vierde plaat waarmee ze voluit voor het grote publiek gaan. Die plaat kan mij persoonlijk minder bekoren dan zijn voorgangers. Alhoewel er heel wat steengoede nummers opstaan, is ze over het geheel nogal gladjes, wat trager ook, waarbij ik van Kings of Leon toch meer het hoekige en het vetrockende kan appreciëren. Daarnaast staan er ook ietwat te veel zeemzoete ballads op. Maar niettemin blijft het een wereldplaat van een wereldgroep, dat hoor je mij nergens ontkennen…

    Met het tweede nummer Taper Jean Girl kwam meteen oud werk aanbod. Kings of Leon gaan gelukkig dus niet voluit voor de platte commercie, maar blijven naast de nieuwe nummers ook trouw aan oude rockers en speelden volop nummers van hun oudste twee platen, zoals ook Molly’s Chambers, een doorbraakhitje uit 2003 dat helemaal vooraan in de set zat. Tussen die twee nummers in kwam met My Party eindelijk een nummer uit Because of the Times aanbod.

    Vier nummers ver, en nog maar eentje uit de laatste plaat, daar moest iets aan gedaan worden, en dus kregen we als volgend nummer Closer, een weliswaar trager nummer, zoals kenmerkend voor die laatste plaat, maar niettemin een dat ik absoluut kan smaken. Wanneer zanger Caleb Followill zijn akoestische gitaar omhing, was het tijd voor Fans, opnieuw een nummer uit mijn favoriete cd gevolgd door Revelry, een rustig maar bloedmooi nummer van hun laatste worp.  Daarna maar liefst drie oudjes na elkaar, Milk, Four Kicks en Wasted Time. Alhoewel ik dat oudere werk dus slecht ken, vond ik vooral die nummers toch behoorlijk leuk, omdat ze veel harder rocken dan de laatste nummers. Daarnaast vind ik het ook gewoon zowel moedig als sympathiek om niet te gaan voor een overdosis aan nieuwe nummers en de nadruk dan vooral te leggen op de meest zeemzoetige om de talrijk opgekomen tienermeisjes te plezieren. Neen, Kings Of Leon zijn nog altijd een rockband en lijken zelf ook het meest plezier te beleven als ze stevig loos kunnen gaan op het podium. Wat een hele geruststelling is voor een muziekliefhebber zoals ondergetekende…

    Mooi midden in de set haalden ze dan het grote geschut boven, met de op alle radiozenders scorende superhit Sex on Fire, verguisd door sommige die hard fans maar niettemin een steengoed nummer. Meteen daarna kwam een oud nummer (The Bucket) gevolgd door Notion, een van hun nieuwe nummers dat ik iets minder kan smaken wegens vrij platjes en een beetje saai. Maar dat maakten de mannen meer dan goed door meteen daarna On Call te spelen, het nummer dat hen voor mij bij de beste rockbands ooit heeft gezet. Stevig op dreef nu, want huidig radiohitje Use Somebody (dat ik eerst ook weer vrij platcommercieel vind maar zich ondertussen toch in mijn gehoorgangen heeft gebetonneerd) volgde, helaas daarna weer gevolgd door een van de minst goede nummers van hun nieuweling, Cold (een echte meezinger voor gevoelige tienerhartjes).
    Na nog een oud nummer zat het eerste deel van het optreden er al op.

    Mijn gevoel? De mannen waren in supervorm, de mix tussen oud en nieuw was geslaagd, alleen miste ik zowat al mijn favoriete nummers uit hun derde plaat, die leken ze wel vergeten. Gelukkig bestaat er nog zoiets als bisnummers en werden daarin al mijn gebeden verhoord. Ingezet met Knocked Up, een nummer van wereldklasse, gevolgd door het leuke Manhatten (van de nieuwe plaat) om dan helemaal loos te gaan met het wild om zich heen klauwende Charmer, oftewel de meest harde kant van de KIngs (met een flinke scheut Pixies) en het zalige Black Thumbnail. Vooral bij die laatste vier nummers heb ik me de ziel uit het lijf gedanst en gesprongen en was het optreden voor mij pure adrenaline en euforie. Prachtig ook om met zo’n hoogtepunt te eindigen. Ik was helemaal opgeladen en euforisch toen we, na het aanschaffen van enkele supercoole buttons, de Parijse nacht in verdwenen, een nacht die helemaal leek na te zinderen en die we afsloten in een leuke Ierse pub over ons hotel.

    De balans? Onlangs de twee afgelaste concerten eerder die week stonden de mannen er. De gitarist kreeg het na enkele nummers wat lastig en moest gaan zitten, maar doordat we zijn geluid pas tegen het einde van de show te horen kregen (boxen vergeten open zetten iemand?) kan ik daar verder weinig over zeggen. Het beste zicht had ik op bassist Jared, die met zijn korte kapsel erg aan Collin Farrell doet denken en niet alleen mooi is om naar te kijken maar een bijzonder melodieus basspel neerzet. Eyecatcher is en blijft echter Caleb Followill, die een van de mooiste rockstemmen heeft van de laatste twintig jaar, rauw, vol soul, vol sex ook, een stem die ik alvast nooit beu kan raken.
    De groep beperkte zich tot het absolute minimum aan bindlijnen of show, maar stond gewoon te rocken als een sneltrein en speelde een stomende en vlekkeloze set, maar liefst 21 nummers op goed anderhalf uur tijd. Een perfect optreden dan, ware het niet dat de grote groepen Britse pubers het eerste half uur grondig hebben verpest door een eindeloos stomdronken geduw, getrek en gejengel om toch maar op die eerste rij te raken, ondertussen kwistig bier in het rond gooiend, elleboogstoten uitdelend en op ieders tenen springend. Maar eens de bende hysterische tienermeisjes en losgeslagen kerels tot die eerste rij was doorgedrongen en wij weer konden ademen, was het eigenlijk fijn om tussen een lol makend, bewegend publiek te staan in plaats van tussen het doorgaans zeer statische en beleefde Belgische publiek. In L’Olympia die avond trouwens weinig Frans gehoord, maar vooral Engels, wat Duits en, van alle klanken die je kan bedenken, westvlaams…

    Anyway, dit optreden gaf me de zin om toch maar kaarten te kopen voor mastodont Rock Werchter van de zomer en Kings Of Leon nog eens te gaan bekijken en om al hun platen of shuffle te zetten op mijn iPhone. Enneuh Caleb, als je Liv Tyler beu zou zijn, geef je maar een seintje he, ik wil je altijd Gent eens laten zien…

    Oliver Peel
    Foto: Oliver Peel