UA-104319606-1

cirque royal

  • The Afghan Whigs @ Cirque Royal 07/02/2015

    Greg Dulli en ik, we go way back. Als ik het goed heb, ontdekte ik The Afghan Whigs ten tijde van What Jail is Like, 1994 is dat volgens Wikipedia. Ik zie mezelf nog zitten op mijn kamer, 15 of 16 jaar oud, toen al gehypnotiseerd door dat nummer. Later door de hele sound.

    Fast forward naar mijn studentenjaren en de Fucking Guitar fuiven van Radio Scorpio waar Debonair een ware klassieker was. En naar het optreden in AB in 1999, het eerste en ik vreesde ook het laatste want kort daarna gaf de groep er de brui aan. Hun broeierige 1965 de soundtrack van mijn studententijd in een piepklein kamertje op de tweede verdieping van een huis in Leuven.

    En weer enkele jaren later, een klein appartement in Gent waar mijn wederhelft woonde. Hij ontdekte voor mij The Twilight Singers, een project van Greg Dulli en gaf me Blackberry Belle cadeau. Ik pikte Dulli's spoor weer op en zag hem met The Twilight Singers en The Gutter Twins elke keer hij in België op een podium aantrad; verschillende keren Pukkelpop, Trix.

    En dan werd het 2012 en was de reünie van The Afghan Whigs het eerste concert dat ik zag sinds mijn Zoon enkele maanden daarvoor werd geboren. Weer een tekenend moment. En deze zomer op Cactus idem sinds de Dochter er is. En dan afgelopen zaterdag weer een date in de Cirque Royal.

    Om kwart voor negen verscheen een muzikant die vreemde klanken uit zijn elektrische viool tevoorschijn toverde, gevolgd door de rest van de groep en als laatste mr Dulli himself. Met een aaneengeschakeld Parked Outside, Matamoros en Fountain and Fairfax zette de groep er meteen zwaar de beuk in. Zwaar en retestrak. Mijn geluk kon niet op. 

    Gelukkig waren er gaandeweg wel af en toe adempauzes en sprak Dulli al eens het publiek toe. Hij en de rest van de mannen leken er echt zin in te hebben. Weer enkele kilo's zwaarder maar fit en bijzonder goed geluimd.

    Het Koninklijk Circus was uitverkocht en zat afgeladen vol dertigers en veertigers. Dat gaf een beetje een raar gevoel. De Whigs worden blijkbaar niet omarmd door al wat hip en trendy is. Of jong. Toch speelden ze hier een van de concerten van het jaar, toch voor mij. 

    Met het breekbare Step Into the Light kwam er een rustpunt maar meteen daarna werd ongenadig verdergegaan met Debonair, een oudje en Algiers, een nieuwtje. De laatste plaat kreeg royaal veel ruimte toebedeeld. Dat was ook niet erg, want dit werkstuk overleeft de vergelijking met de klassiekers uit de jaren '90. Toch is het altijd genieten wanneer Gentleman voorbij komt, of Faded, bijvoorbeeld, een waardige afsluiter van de avond.

    Het concert klokte af op een kleine twee uur puur en intens genot. Dulli mag dan al de 50 nabij zijn, hij klinkt nog steeds als de jonge hond van 20 jaar geleden. Minder getormenteerd, er is geen liter sterkedrank meer nodig en het kettingroken zit er ook niet meer in. De demonen worden niet meer elke avond live uitgedreven. Maar de drive is er wel nog. Dulli leek me uitstekend in zijn vel te zitten en maande een te wild rondspringende gast vooraan vriendelijk aan het wat rustiger te doen moest hij ooit aan een lief willen raken (ik schrijf het hier ietsje gecensureerd neer). Hij maakte een wandeling in het publiek tijdens Every little thing en zoals altijd werden de nummers doorspekt met stukjes van vanalles. Soms doet hij me aan een Amerikaanse dominee denken, als hij declamerende stukjes in een lang uitgesponnen versie van een nummer weeft. He's got soul. Zoals ik zei, we go way back.