UA-104319606-1

a brand

  • A Brand

    Deze zomer had ik het optreden van A Brand op Pukkelpop moeten missen (ik had de voorkeur gegeven aan het Gentse Arsenal), dus was ik wat blij met de herkansing die ik woensdagavond kreeg in de Vooruit. Bovendien speelden niet enkel A Brand, maar ook het mij onbekende Malibu Stacy en The Subs.

    Toen we om kwart na acht de concertzaal binnenliepen, waren die laatsten al bezig. De Luikenaars stonden met zes man op het podium, en vielen vooral op door ET, deze keer geen extra terrestrial, maar een vreemd uitziende gebrilde zanger. Niettemin niets dan lof over deze ET, die over een straffe stem bleek te beschikken, voor mij toch wel het knapste aan deze Waalse vrienden.
    Hun muziek deed me bij momenten aan Weezer denken; melodieus, schattig, naïef en een tikje retro-nerderig, maar bij een volgend nummer begonnen ze stevig te rocken en zat er zelfs een punkkantje aan. Een absoluut onderhoudend voorprogramma waar ik zeker nog meer van wil zien.

    Om negen uur begon dan voor mij alleszins de hoofdbrok van de avond, de Antwerpse glampop-artrock-‘n-rollers van A Brand.
    Alweer hun eerste twee platen een afwisseling waren van ijzersterke catchy singles en helaas ook af en toe wat puberaal aandoende vulling, hebben ze met Judas een derde plaat afgeleverd die over de gehele lijn een knap niveau haalt, en hun geluid, de ondertussen zeer herkenbare sound van een drum, vier gitaren en vijf zangers, verder geperfectioneerd.

    Het overwegend jonge publiek had er duidelijk zin in die avond. Toen de vijf heren van A Brand, strak in het witte glitterpak zittend hun gebruikelijke plek op het podium innamen (drums centraal vooraan en aan weerszijden twee gitaren), zat de sfeer er direct goed in. Ook bij de groep trouwens, want het was voor het eerst in jaren dat een groep er van bij het eerste nummer zo recht op zat. Opener Hammerhead was dus meteen een van de strafste momenten van het hele concert; die muur van geluid die op je afkomt, de strakke drum, de gitaarriedel, het grappige dansje dat de mannen erbij doen. Schitterend!

    Na een nieuw nummer (Can’t help it) volgde met Beauty Booty Killerqueen een tweede hoogtepunt, al had ik de indruk dat de vaart toen even uit het optreden sloop, al was het maar omdat de spots achter het podium zo sterk de zaal inschenen dat het in de zaal leek op een zonnige zomerdag, waar een vettig rockoptreden nog altijd beter gedijt in het donker.

    De nieuwe cd kwam uitgebreid aan bod, met het meer rustige Name up in Lights en Where’s your heart en de stevige rocker Mad love sweet love. Maar ook hun allereerste single Riding your Ghost werd nog eens bovengehaald, en van dan af aan werden de hoogtepunten aan elkaar geregen, met naast de straffe eigen nummers ook bijzonder geslaagde stukjes Daft Punk en LCD Soundsystem. Altijd super trouwens als een groep zo’n nummer dat vrij ver ligt van hun eigen geluid een geslaagde eigen behandeling kan geven.

    Het grote geweld, oftewel de laatste twee singles moesten nog komen, en die werden gespaard voor het einde van de set. Eerst kregen we een stomende versie van The Bubbles (waarvan de clip opgenomen ondermeer werd in onze eigenste Boekentoren, blijkbaar enorm populair in muziekclips de laatste jaren, en in The Culture Club) en dan het ronduit geweldige Time, waarbij weinig mensen hun voeten konden bedwingen en de zaal collectief uit het dak ging. Afsluiten met hoogtepunten dus.

    Gelukkig werd er nog niet echt afgesloten, en werd de groep algauw teruggeroepen voor nog eens drie bisnumers. De bissen werden aangegrepen om de nieuwe plaat nog wat verder voor te stellen, en dus kregen we het titelnummer Judas geserveerd, gevolgd door Dop The Messiah. Waarna het alweer tijd was voor de echte afsluiter, en die was vrij voorspelbaar, aangezien de op Studio Brussel grijsgedraaide AC/DC cover Thunderstruck nog niet aan bod was gekomen…

    De groep klonk bijzonder strak, zelfs voor de nieuwe nummers klonken de mannen goed op elkaar ingespeeld en de oude singles doen het ook nog steeds. De muziek van A Brand is eigenlijk gewoon gemaakt op live een feestje mee te bouwen, en het was dan ook fijn dat het publiek van de Vooruit die avond gewillig op die uitnodiging inging. Ondertussen heeft A Brand een kenmerkende eigen sound, een eigen look, en genoeg sterke nummers om een avond mee te vullen. Voor mij had het optreden dus best nog wat mogen blijven duren, maar helaas stonden de mannen van The Subs al te drummen in de coulissen.

    The Subs, weer een mij vrij onbekende band. Ik kende Jeroen De Pessemier wel. Een van zijn vroegere groepjes Bolchi (met Lien De Greef) vond ik echt supergoed, en het spijt me dan ook dat ze maar een cd hebben gemaakt. Maar duizendpoot De Pessemier heeft ondertussen niet stilgezeten met ondermeer Foxylane en nu dus ook deze Subs.

    Van bij letterlijk de eerste noot zet een derde van de zaal zich aan het dansen, een vreemde ervaring net na een rockconcert om eerlijk te zijn. Ik bleef aan de kant staan kijken, naar de coole laser, naar het dansende volkje, naar de drie mannen op het podium. Af en toe hoorde ik een riedel voorbij komen die ik toch leek te kennen van de radio. Not bad at all. Al vond ik het poppy Bolchi vroeger toch net iets leuker dan deze dance. Maar misschien mis ik gewoon het juiste gen voor dit soort muziek?

    De aanwezige studenten moesten blijkbaar een heleboel stoom afladen zo vlak voor de blok, want ze gingen er echt voor. Soms met minder plezierige gevolgen, zoals de jongen die onwel werd en tot twee keer toe neerstuikte maar gelukkig door zijn vrienden mee naar buiten werd genomen. Of de twee meisjes die zo zat waren dat het niet meer mooi was om te zien. Party hard…

    De bassen dreunden in mijn onderbuik en mijn voeten twijfelden even richting party, maar de vermoeidheid en de belofte van een zware werkdag over acht uur haalden het al snel, en na een half uurtje toekijken vertrokken we dan maar naar huis. Terwijl wij onze jassen uit de vestiaire haalden, kwam er trouwens nog volop volk toe voor de fuif…

    Eerder verschenen op Gentblogt, voorzien van tal van foto's van Jeronimo.

  • Cd's

    Het was weer lang geleden dat ik onze cd collectie nog eens had uitgebreid... Hier een overzichtje van de cd's die ik onlangs kocht:

    - Sigur Rós - Með suð í eyrum við spilum endalaust: staat zowat op repeat, overal; thuis, op de trein, achter de pc,... Zo werkt dat meestal bij mij, ik draai een cd absoluut grijs tot ik weer een nieuwe obsessief beluister...

    - A Brand - Judas: het optreden op Pukkelpop gemist, hopelijk een herkansing in Vooruit dit najaar, en in afwachting alvast de cd gehaald. Ik las in Humo dat geen kat hun vorige cd's in huis gehaald heeft, maar ik ben daar alvast een uitzondering op. Daarop stond tussen een paar steengoede nummers ook wel wat rommel, dus ben benieuwd of ze dat deze keer hebben kunnen vermijden.

    - Isobel Campbell & Mark Lanegan - Sunday at devil dirt: Lanegan is voor mij meer de gastzanger bij QOTSA en Greg Dulli zijn groepen, maar mijn wederhelft volgt de man al eeuwen, en dus besloot ik dat deze cd, door iedereen die ik ken als steengoed omschreven, wel in de collectie zou passen. Maar ik heb het dus meer voor Greg Dulli dan voor Lanegan, laat dat duidelijk zijn...

    - Editors - An end as a start : eerst gemeden wegens arrogante zanger en kopie van het steengoede Interpol, maar sinds hun optreden op Werchter toch volledig verkocht. Ondertussen is de zanger gepromoveerd van arrogante zak tot lekker ding, dat helpt ook... Luister momenteel vast naar 'The Racing Rats' (die piano!!).