UA-104319606-1

Reizen - Page 4

  • Laatste maand thuis - reisplannen

    Man man, ik hoest me de longen uit het lijf maar kan geen medicatie nemen (borstvoeding). Weleda tijmsiroop mag ik wel nemen en dat helpt wel iets. Hopelijk betert het snel. Vannacht ook weinig geslapen, Dochterlief op tot 2u, om 5u alweer en om 8u weer. Anders slaapt ze makkelijk 6 tot 8u aan een stuk maar vannacht dus niet. En zij ligt nu nog lekker bij te slapen maar ik niet natuurlijk...

    We zijn aan het kijken om in mei een reisje te doen, naar Sardinie. Niet te ver vliegen, toch mooi weer normaal gezien, rustig. Hebben een appartementje op het oog in het oosten van het eiland, in een havenstadje. Helaas is de wederhelft ondergesneeuwd in het werk, anders konden we misschien al boeken. We zien wel. Het wordt wel een hele onderneming, met een dochter van 7 maanden en een zoon van 2,5. Maar ik zie het eigenlijk wel goed zitten.

    Ik ben ondertussen uit moederschapsrust en begonnen aan mijn maandje ouderschapsverlof. Bij Zoon was ik nu ongeveer terug aan het werk. Kan het me echt nog niet voorstellen. Zelfs volgende maand lijkt veel te vroeg. Te vroeg voor dochter, die nog zo klein is. Voor mijn eigen mentale gezondheid kan het niet snel genoeg gaan, want ik ben die lange, eenzame, donkere dagen thuis nogal beu. Als de zon schijnt en we lange wandelingen kunnen maken is er niks aan de hand, maar zo dat grijze en die regen, bah...

  • Laatste stukje reis

    Na de natuur van Bryce Canyon National Park begon de lange terugreis richting San Francisco, waar ik nu eens absoluut geen zin in had. Ten eerste omdat het ver was (meer dan 1500 km) en vooral ook omdat de reis er bijna op zat. En ik totaal geen zin had in het koude, zure, benepen, met veel te veel op veel te weinig plaats Vlaanderen. Maar aan alle schone verhaaltjes komt een eind en dus vertrokken we voor een eerste étappe van 670 km naar Barstow, een onooglijk gat langs de Route 66 in California. Door Arizona, Nevada, door Las Vegas (snif),...

    In Barstow logeerden we in een motelletje dat vrij verlaten was op de troep luide West-Vlamingen die vlak na ons incheckten en godbetert samen met ons aan het voor de rest verlaten ontbijt zaten. Kan je niet eens meer roddelen in het Nederlands zeg ;-) Voor de rest was er in Barstow en omstreken niets te beleven op ons avondeten in de Italiaan aan de andere kant van de snelweg wat het beste Italiaanse eten was tot dan toe. Zoals altijd kreeg Zoon een eigen beker water, een kinderstoel en als we dat wilden een klein bordje om wat van ons eten op te scheppen. En at hij dapper mee van onze borden. Pasta, njammie!!!

    Onze volgende etappe bracht ons weer 400 km verder helemaal naar de Stille Oceaan. We checkten in in Arroyo Grande en gingen dan door naar Pismo Beach, om de oceaan eens te zien. Dat bleek echter nog een groter gat dan Blankenberge, niks te beleven, ook niet bijster gezellig en vooral koud met de zeebries! De warme cinamon roll kon wel al veel goedmaken. Maar op nog geen uur hadden we het hier wel gezien. Achteraf zeiden ze in het hotel dat Avila Beach veel mooier was, maar toen was het al te laat natuurlijk. We waren ook niet echt bijster goed voorbereid ;-)

    cinamon roll.jpg

    De volgende ochtend een traject van 'maar' 250 km via de Highway 1 oftewel de kleine, kronkelende weg langs de kust van LA naar San Francisco. Eerst nog even wijn gaan proeven (de wederhelft dan toch) en dan nog 3u gestopt om het megalomane Hearst Castle (iemand Deadwood gezien?) te bezoeken. Bovenop een bergtop aan de kust licht een optrekte volgestauwd met middeleeuwse Europese stukken waar de mediamagnaat in de jaren '20 en '30 de beau monde ontving.

    hcastle.jpg

    Doordat dit snel bezoekje een pak langer duurde dan verwacht was het algauw 18u eer we in Monterey waren geraakt, een kuststadje dat me nu eens geweldig hard de moeite leek maar waar we dus tot mijn grote spijt helemaal niks meer van hebben gezien, behalve het restaurant om de hoek (Monterey Cook House, heel lekker).

    De volgende middag moesten we om 16u alweer het vliegtuig op de lange terugtocht dus na het ontbijt kropen we voor de laatste keer in onze kleine SUV en reden langs om Sillicon Valley naar de luchthaven. Daar aten we nog een laatste keer warm op Amerikaanse bodem, sloegen nog wat eten in voor Zoon onderweg. Met peuter kregen we weer overal voorrang bij de controles en dan het lange wachten om op te stijgen. Wederom zat het vliegtuig propvol zodat er geen stoel extra vrij was en Zoon met zijn 10 kilo 10 uur lang op onze schoot mocht kamperen. Gelukkig was het nu een late vlucht en ging zijn lichtje na enkele uren uit.

  • Utah

    Van Page, op de grens tussen Arizona en Utah trokken we dieper de mormonenstaat in. Ook hier weer een typisch Wild West landschap, droog, rode rotsen, weinig bewoning, lege rivierbeddingen, hier en daar een dorp of een trailerpark. Niet zo'n heel verre rit deze keer en onze eerste en enige regendruppels, tot we aan ons hotel kwamen, de East Zion Thunderbird Lodge, op een kruising van twee wegen tussen Zion en Bryce National Park in.

    Eens rondgekeken maar blijkbaar in de nabije en iets verdere omgeving niks te beleven dus vooral in het aan ons hotel verbonden restaurant gegeten met beperkte keuze maar lieve mensen en redelijk voedsel. Onze kamer gaf uit op een grasveldje dus vooral veel met Zoon buitengespeeld in het zonnetje. De dag nadien Bryce Canyon bezocht, een ongelofelijk indrukwekkend zicht.

    usa,utah,bryce canyon

    Hier reden de typische busjes nog niet het park rond dus konden we zelf van uitkijkpunt naar uitkijkpunt rijden. Ik voelde me die dag echter helaas niet echt zo lekker dus het maximum hebben we er zeker niet kunnen uithalen. Niettemin een uniek en onvergetelijk zicht. Zion hebben we helaas al helemaal moeten schrappen dankzij medische beslommeringen, helaas pindakaas en niks aan te doen... Maar dus wel veel met de zoon in de zon gezeten en Thunderberry pie gegeten :-)

    Bij Utah dacht ik in elk geval meteen aan Mormonen (Big Love gezien iemand, geweldige serie). Op zich weinig van gemerkt. Op de twee plekken waar we gegeten hebben was gewoon alcohol te krijgen (zelfs lokaal gemaakte wijnen en bieren) en ook geen opvallende mensen gezien, slechts 1 keer maar dat was al terug in California. We zijn natuurlijk niet tot in Salt Lake City geraakt helaas. En twee dagen Utah is ook wel heel erg kort. In elk geval is de ongereptheid en wildheid van deze staat grandioos.

  • Page

    Van Flagstaff naar Page zou maar een kleine rit zijn, slechts twee uur. Dat was echter buiten een landslide gerekend die een stuk highway had meegenomen en het gebrek aan wegen ginder dat neerkwam op een omleiding van een dik uur. Langs vrij kleine baantjes door Indianengebied. De ene 'trading post' na de andere die zichzelf adverteerde als geweldig en must see en de beste deals te doen, maar de nederzettingen in kwestie waren vooral piepklein, de winkelstalletjes verlaten en meer een trailerpark in het hol van pluto tussen het stof en de miserie dan iets anders. Ten lange leste arriveerdem we dan toch in Page maar anderhalf uur te vroeg en we mochten niet inchecken.

    Page werd maar in 1957 gesticht om een dam op Lake Powell te bouwen en is weinig meer dan een verzameling hotels voor toeristen van Lake Powell, de grand canyon, de horseshoe bend en wat andere lokale natuurpracht.

    We belandden in een sports bar waar er niks veggie op de kaart stond maar ze uiteindelijk wel iets konden fixen (quesedilla's). Daarna mochten we dan toch op onze kamers.

    De volgende ochtend gingen we op begeleide tocht, met een monsterlijke 4x4 een dirt road op naar Antelope Canyon, beheerd en enkel bezoekbaar met een Navajo gids. Ik had slechte dingen gelezen over die gidsen maar de onze was eigenlijk een supertoffe peer die ons hielp om de beste foto's te maken.

    DSC03647.jpg

    Zelfs Zoon keek zijn ogen uit vanop papa's rug.

    Echt een zware aanrader als je ooit langs Page zou passeren. Ook heel mooi en op voorhand totaal niets van verwacht is daar trouwens de horseshoe bend. Een soort minimini Grand Canyon. Maar net omdat het veel kleiner is en simpeler precies ook beter te bevatten en meer van te genieten. Je kan tot aan de rand wandelen en hebt dan echt een indrukwekkend zicht op de rivier die beneden een bocht maakt.

    DSC03629.JPG

     

     

  • Grand Canyon - Flagstaff

    Las Vegas ligt echt wel in the middle of nowhere. We verlieten het langs een totaal andere kant als langswaar we gekomen waren en opnieuw wachtte ons een urenlange weg door niets, geen benzinestations, dorpjes, niks. Het was met spijt in het hart dat ik the city of sin achter mij liet, ik had door omstandigheden het gevoel niet een tiende uit deze stad gehaald te hebben van wat ik van plan was. Vegas, you love it or you hate it en hoezeer het ook voor mij soms te was, te groot, te druk, te commercieel, toch moet ik toegeven dat ik veel meer een stads- en cultuurmens ben dan een natuurmens, dat zou de rest van de trip nog uitwijzen...

    Van Vegas trokken ze naar de Hoover dam, maar omdat een bezoek werd afgeraden met een peuter erbij en mijn eigen medische toestand op dat punt ook bepaald niet schitterend was is het bezoek bij een snelle kijk gebleven. De dam ligt op de grens van twee staten en zo verlieten we algauw Nevada en trokken ze Arizona in.

    Arizona is helemaal wat je je voorstelt uit de oude westerns. Ruw, droog, eindeloos, warm, weinig cultuur, back to basics. We stopten om te eten in Kingman, een typisch Route 66 stadje. Ik denk niet dat we ooit de Route 66 gaan afrijden, op basis van onze nu opgedane ervaringen. Al de stadjes die we hebben aangedaan aan die weg zijn vuil, vooral voorzien op bikers en kitch en er valt geen zier te beleven. Snel eten en wegwezen dus. De meest vuile Subway die ik ooit heb gezien.

    Uiteindelijk kwamen we aan in Flagstaff. Onze Best Western lag uiteraard weer enkele km uit het 'historisch centrum' (een nederzetting van 1880 is hier echt al bijzonder oud) en de eerste dag hebben we ons vooral daar langs de snelweg opgehouden en in het natuurpark. Vanuit het hotel zag je de besneeuwde bergtoppen, mooi. Toch was het bijlange niet zo koud meer in Flagstaff als ik had gevreesd, 's nachts vroor het nog maar overdag haalden we 16 graden, meer dan nu hier thuis dus. 

    Als je buiten een nationaal park logeert (wegens de prijs) is het altijd een heel eind rijden tot het park. Toch naar Europese normen. Het duurde dus een goed uur eer we vanuit het hotel aan het Grand Canyon National Park stonden. Je zag de Canyon al van ver opdoemen op de kleine weg ernaartoe.

    Het eerste zicht was ongelofelijk. Ik had hier wel enorm naar uitgekeken en man, wat een natuurpracht. Je ziet zo mijlenver, voor ons Europeanen is dit echt ongekend. Een busje voert je langs het ene na het andere uitkijkpunt. Toen ik daarstraks zei dat ik geen natuurmens was, bedoelde ik ondermeer dat ik, hoe prachtig de canyon ook is, ik bij het derde of vierde uitkijkpunt wat verveeld begon te raken. Meer van hetzelfde. Iets wat ik in een stad nooit heb. Vreemd he. Zeker toen na een tijdje er wat wolkjes kwamen aandrijven en er van mooie foto's maken toch niks meer in huis kwam.

    DSC03591.JPG

    Na ons bezoek wou ik toch nog even downtown Flagstaff in. Het zou een erg mooi stadje zijn. Helaas was het zondag en was het ook vrij doods. Toch vond ik het effectief een charmant ding en nog vrij levendig, vermoedelijk door de aanwezigheid van een universiteit en dus wat alternatief jong volk. Het stadje had toch een heel andere sfeer dan veel andere doorsnee kleine Amerikaanse stadjes op den buiten. Ik maakte nog een wandelingetje terwijl de mannen op de pizza aan het wachten waren. Ook typisch Flagstaff: de goederentreinen. Zowat om de tien minuten passeerde er een, zo'n heel lange die tergend traag rijdt, met een stuk of 3 locomotieven. De spoorlijn liep ook langs ons hotel en je kon ze een stuk in de nacht horen, aangezien ze elke keer toeteren als ze langskomen. Ik vond het eigenlijk wel iets hebben.

    DSC03612.JPG

    DSC03619.JPG

  • Las Vegas

    Het contrast kon niet veel groter zijn, onze cottage in het zand tussen de hikers in Death Valley en dan de reuzesuite met twee badkamers en iemand die jouw auto parkeert en de koffers naar de kamer brengt. En wat voor een kamer... Las Vegas is luxe. We hebben ons goed laten verwennen op restaurant, waar de Zoon overigens geen enkel probleem vormde en alle kelners integendeel met hem kwamen spelen. Genoten van het spektakel van Ka, een van de vele shows van Cirque du Soleil terwijl er een peperdure (180 dollar plus tax) en overgekwalificeerde babysit bij een slapende Zoon waakte. Gegeten in het rainforest café waar namaakbeesten constant blèren tot groot jolijt van Zoon die ogen tekort kwam. Want dat is ook Las Vegas; veel, groot en vooral luid. Overal luide muziek, tot in het mooie restaurant toe. De muziek van een van de vele zwembaden beneden was zo luid dat je overdag amper op ons terras kon zitten 19 verdiepingen hoger. Nergens is het rustig, overal mensen en ze lijken allemaal in overdrive te functioneren. Maar er is zoveel te zien en te beleven, zelfs als je niet wil gokken... Zoon vond het allemaal geweldig, kreeg complimenten op zijn hemdje " hey little dude, love that shirt with the cool bugs". Onze twee nachten ginder waren precies veel te kort. Ergens las ik dat het geen bestemming is voor kinderen. Maar da's absoluut niet waar. Het is gewoon 1 groot pretpark. Zoon was niet uit het zwembad weg te slaan en zelfs onze hotelsuite was een groot speelavontuur voor hem. De mensen zijn best lief voor kinderen. Het enige nadeel, alles is er duur en gezond eten bestaat niet. Winkels vol drank, geen probleem, maar ergens een stuk groente vind je niet tenzij je de auto neemt. Wel is het zo dat alles veel geld kost, de ene keer dat we goedkoop aten hebben we geweten waarom...

  • Death valley

    Hoe snel het landschap hier kan veranderen. Tussen San Francisco en Oakhurst een groot weidelandschap afgewisseld met boomgaarden en velden. Dan de bergen en tussen Oakhurst en Death Valley een steeds kaler wordend landschap tot we plots in de woestijn zaten. Tanken voor je het park binnengaat zeggen ze, maar hoe doe je dat als je op nog 2 uur rijden van je bestemming bent en er plots nergens nog een teken van leven is? Gelukkig was er net een klein tankstation als onze benzinetank al enkele mijl officieel leeg was. Dringend tijd om iets te eten ook, maar bij het zien van de baby en het horen van het woord vegetariër stuurde de uitbaatster ons door naar het stadje Californië, een half uur rijden verder, totaal onaangeduid, plots opdoemend in de woestijn, je moest het kennen om het te vinden. Na de lunch door, steeds minder auto's op de baan tot we zo goed als alleen op de baan waren. Death valley national park in z'n op naar ons hotel in Panamint Springs. Plots een bocht in de weg en daar lag onze 'resort', tankstation en motel rechts van de weg, aangevuld met een restaurant, camping links. Inchecken in het tankstation. Ik had het enige huisje gereserveerd, met een frigootje, living, airco, als enige in het motel een tv die weliswaar niet werkte en een terrasje. Wel geen microgolf, dus voor zoons flesje moesten we 's morgens en 's avonds naar het tankstation verderop. Geen luxe maar meer dan genoeg comfort en echt zo wel een 'desert feel'... De andere gasten? Een paar oudere mensen en voor de rest vooral hikers en motards. Op het terras bij ondergaande zon burgers gegeten en dan plots kwam de maan op vanachter de bergen. Ontzettend snel en heel mooi. 'S Morgens na een all you can eat breakfasts van 10 dollar (pancakes, eggs, yoghurt,...) een uur verdergereden dieper het park in naar het toeristisch hart, Furnace Creek. Badwater gezien, het warmste punt van de VS, of zelfs de wereld, maar op zich is er weinig te zien. Zabriskie Point gedaan, met adembenemend uitzicht. Dor maanlandschap overal, temperaturen nu eind maart tegen de 30 graden. Droog, maar ontzettend mooi. Dante's view helaas moeten schrappen omdat Zoon plots 40 graden koorts had en er helemaal geen leven meer inzat. Op weg naar het hotel wel nog de ruïnes van een borax mijn bezocht. Vroeger logeerden de Chinese arbeiders (circa 1880) gewoon in de vlakte terwijl de andere werknemers in Furnace Creek sliepen. De karren met verwerkte erts werden honderden kilometers ver getrokken door teams van telkens 10 ezels. En ergens voedsel of water. Moeten helse tijden geweest zijn. Opnieuw genoten van de zonsopgang op het terras en iets gegeten, heerlijk geslapen in de stilte maar de volgende dag nog steeds een koortsige zoon helaas. Hij hield zich wel ontzettend kranig en at flink mee van het ontbijt. Tijdens het tanken nog een roadrunner gezien en dan de baan op naar Las Vegas. Vlak over de grens met Nevada nog gestopt aan het enige spookstadje da bereikbaar lag aan een asfaltweg, er zijn er veel in de streek maar allemaal aan geen of hoogstens een dirt road gelegen en we hebben een klein eindje van zo'n weg gedaan, levensgevaarlijk, als je lek rijdt is er immers geen gsmontvangst... Het spookstadje dus, Rhyolite, een mijnstadje van 1905-1920. Getankt in Beatty, wat er ook geweldig wild wild west uitzag en dan twee uur vlammen door niemandsland tot we in the fabulous Las Vegas aankwamen in de pure luxe van ons signature hotel...