• Alledaagse Opsomming

    Zware, lange werkweek overleefd. Staking van De Lijn overleefd. Dikke chance gehad, ondanks het feit dat er van de bussen die ik moest hebben, er maar weinig reden, toch op tijd aan het station geraakt (over het HOE gaan we het niet hebben, ik raakte nog net op de bus maar alle haltes nadien reed de buschauffeur gewoon voorbij wegens uitpuilend met passagiers) en 's avonds ook vlot weer thuis. Op het perron gezeten naast Titus Devoogdt. Vanmorgen het verkeer hier voor de deur zien vaststaan met de bussen en auto's van Quickstep en ander wielergedoe. De honden geentertaind en elke keer als ik ze knuffel weer blij dat ze gezond en wel zijn, arme Simba. Een vriendin overtuigd om nog eens uit te gaan zoals in the good old days en kaarten gekocht voor Hindu Nights. De Standaard vanmorgen voor de zoveelste keer NIET gekregen. Kaartjes gekocht voor de cinema voor vanavond, voor True Grit. Bestekken gespaard in Delhaize. Nagedacht over de afwerking van de vide in ons huis. Natgeregend. Iets gaan drinken. Schone mannelijke stagiair begeleid. Naar Cesar Millan gekeken op tv. Jonathan Safran Foer gelezen en supergard genoten. Uitgekeken naar de lente. Blij geweest met de bloemen die hier wild in het gras aan de parking groeien en het feit dat het nog niet donker is als ik na het werk thuiskom (tenzij na een late shift natuurlijk, dat spreekt). Mijn agenda voor de komende weken volledig volgepland.

  • Geen Queens of the Stone Age

    Behoorlijk pissed op AB dat ik na 1u45 lang klikken NIET aan kaarten voor Queens of the Stone Age bent geraakt. Meer zelfs, ik kén zelfs niemand die is binnengeraakt en heeft kunnen bestellen, niet via telefoon en niet via internet. Wel veel teleurgestelde fans, dat wel.

    Volgende keer een dag verlof pakken en twee uur op voorhand gaan aanschuiven aan de AB dan maar? Terug naar het stenen tijdperk dus want hun site kon het duidelijk niet aan. Very, very pissed. Hopen op een mirakel?

  • Simba, 28/02/1999 - 23/02/2011

    Simba.jpgHet ga je goed, lieve ouwe Simba. Gisterenavond nam je in de armen van je favoriete baasje afscheid van deze wereld. Het was genoeg geweest. In je lieve, trouwe hondenogen scheen nog licht en levensmoed, maar je arme lijfje had het al opgegeven. Dat wisten we allemaal.

    Je hebt wat tegenslagen gehad in je veel te korte hondenleven. Zo besloten je eerste baasjes na twee jaar dat je te veel was in hun gezin. Na een lastige tijd die je moederziel alleen in hun tuin doorbracht, eten kreeg je nog, maar dat was het ook, kwam je bij ons terecht. Ik herinner me dat eerste weekend dat je bij ons was nog goed, ik heb de ganse avond over je fluffy pels geaaid, om je duidelijk te maken dat je vanaf nu nooit meer alleen zou hoeven te zijn. Je was nooit echt mijn hond, ik was op dat moment volop bezig mijn vleugels uit te slaan, maar toch bleef je ergens wel altijd mijn hond.

    Enkele jaren terug overwon je een eerste ziekte, de afgelopen maanden vochten we tegen hartproblemen, het moet niet altijd prettig geweest zijn voor jou. Het was niet makkelijk om je te zien veranderen van een stoere, gespierde bink naar een gekke, oude hond. Maar een ding veranderde nooit, en dat was je trouw en je liefde voor je baasjes. Geen hond ter wereld kan trouwer zijn dan jij geweest bent, lieve Simba.

    Maar gisterenavond moesten we je laten gaan. Ik kon er niet eens bij zijn, ik hoorde het pas toen het al gebeurd was. Maar ik weet dat je me dit niet kwalijk neemt. Je bent gegaan in de armen van je favoriete baas en meer had je nooit nodig. We zullen je missen, oude rakker...

  • Winters Bone

    wintersbone.jpg

    Wie zin heeft in een avondje film hoeft zich de komende maanden niet in te houden, de oogst in de filmzalen belooft de moeite te worden. Vele aanraders waartussen het soms moeilijk kiezen is. Maar mag ik, nu de winterdepressie op zijn laatste benen loopt en het einde van de troosteloze, grijze kou bijna in zicht komt, toch nog even de aandacht vestigen op een Winters Bone, een Amerikaanse parel die op Sundance 2010 de prijs voor beste film in de wacht sleepte.

    Liegen heeft weinig zin, vrolijk zal je van deze film niet worden. De sfeer op een miezerige en kille zondagmiddag werd in de zaal nog wat kouder en troostelozer. Maar een filmliefhebber hoeft niet altijd getrakteerd te worden op lachsalvo’s en happy ends om te genieten. Of wel? Voor wie tekent voor een fascinerende, aangrijpende, straf geacteerde en goed gemaakte film, is Winters Bone een traktatie.

    De film situeert zich in de Ozarks, een afgelegen, arme bergstreek in Missouri. De mensen daar leven volledig afgezonderd van de maatschappij. Iedereen is familie van iedereen en het leven verloopt bijna volgens clanregels. Ieders doen en laten wordt scherp in de gaten gehouden. De mooie kant is dat de mensen elkaar helpen, de keerzijde van de medaille is dat overtreders niet door de politie maar door de gemeenschap worden aangepakt en dat de sancties bijzonder hard zijn. Het is er koud, de huisjes zijn troosteloos en bieden weinig comfort, en er lijkt weinig of geen werk te zijn. In de film zijn de keuzes beperkt: vrouwen gaan in het leger of trouwen jong en zorgen voor de kinderen, mannen gaan in het leger of trouwen jong en voorzien hun gezin van een inkomen door methamfetamines (drugs dus) te brouwen.

    De film volgt de zeventienjarige Ree die, wanneer haar vader Jessup verdwijnt, de zorg voor haar jongere broer en zus en voor haar depressieve moeder moet overnemen.
    Naar school gaan zit er niet meer in, Ree slaagt er maar net in om zonder enige vorm van inkomsten de eindjes aan elkaar te knopen. Al is dat dan door haar broer en zus te leren hoe ze een eekhoorn moeten schieten en klaarmaken of door van buren en familie wat restjes te krijgen. Hoe zwaar dit leven ook is, het belooft enkel slechter te worden wanneer op een dag de sheriff aan de deur staat en blijkt dat vader Jessup op borg vrij is en dat die borg onder meer uit het huis en land van het gezin bestaat. Komt Jessup niet opdagen op zijn proces, dan staat het gezin binnen de week op straat. Ree, die niks meer heeft gehoord van haar vader, kan dit niet laten gebeuren en besluit uit te zoeken waar haar vader zit. Dit lijkt immers de enige manier om haar gezin van de afgrond te redden. Maar ze stoot hierbij vrijwel onmiddellijk op harde reacties van haar omgeving. Waar Jessup zit, zijn niemands zaken en wanneer ze vragen blijft stellen, krijgt ze het deksel op weinig subtiele wijze op de neus. Maar Ree is een product van haar harde omgeving en geeft niet zomaar op.

    Zoals ik al zei, geeft de film geen vrolijk gevoel. Toch zijn er veel redenen om te gaan kijken, waarvan de puike acteerprestaties van de twintigjarige Jennifer Lawrence als Ree en John Hawkes (Deadwood, Lost) als beenharde oom Teardrop er maar twee zijn. Regisseur Debra Granik slaagt erin om ver weg te blijven van de clichés en een film te maken zonder veroordeling, deze mensen hebben er uiteindelijk ook niet voor gekozen om hier te worden geboren en proberen zich vooral staande te houden op de enige manier die ze kennen. De film is geen groots epos, maar een eenvoudig verhaal van een jong meisje dat probeert terug te vechten. Het resultaat is een beklijvende film die je niet koud kan laten.

    Artikel eerder verschenen op Gentblogt.

  • So your home town's bringing you down – Ray La Montagne @ Koningin Elisabethzaal Antwerpen (18/02/2011)

     

     

    Meestal vind ik een zittend concert een gemiste kans wegens saaier dan een staand concert, maar afgelopen vrijdagavond kon ik volledig leven met de Koningin Elisabethzaal na het nog niet helemaal verteerde fiasco van Vorst enkele dagen voordien. Makkelijk parkeren tegen kortingtarief, lekker eten in een Italiaans restaurantje en dan op het gemakje onze plekjes zoeken in de zaal.

    Twee zusjes uit sweet home Alama, Secret Sisters, tekenden voor het voorprogramma. Twee meisjes in grijzige retrojurkjes, 1 gitaar, 2 engelenstemmen en een klassiek countryrepertoire (met Patsy Cline cover!). Een fijne openener; niets gewaagd, maar mooie luistermuziek die me deed wegdromen naar The Deep South. Onvoorstelbaar lieve meisjes ook trouwens, ze deden niet anders dan het publiek en Ray bedanken en ons uitnodigen voor een babbel na de show.


    Om negen uur kwam dan eindelijk het moment waar een bijna uitverkochte zaal op te wachten zat. Zelf leerde ik Ray pas een maand of twee geleden kennen. De aankondigingsposter voor zijn concert hing achter het raam van mijn tijdelijke stek en intrigeerde me mateloos, zoveel sfeer sprak uit de foto. Mijn wederhelft liet me dan eens luisteren en dat was liefde op het eerste gehoor, de volgende dag bestelde ik al tickets voor het concert en zo kwamen we dus afgelopen vrijdag in de Elisabethzaal terecht, alhoewel ik weinig ken van folk/country/americana…

    Ik beklaag me die impulsaankoop van de tickets geen moment, integendeel, Ray LaMontagne zorgde voor een van de optredens van 2011 wat mij betreft. Van de eerste tot de laatste noot puur genieten van ’s mans unieke, warme, melancholische stem en zijn songsmidkwaliteiten.

    Ik werd verwend met veel nummers uit de laatste cd God willing and the creek don’t rise, zoals het heel mooie For the summer als opener gevolgd door New York City's Killing Me, het voor een grammy genomineerde  Beg Steal Or Borrow en het gekende Let It Be Me.

    Als niet-kenner viel het contrast met het doordeweekse rock-optreden danig op. Ray stond niet in het midden maar uiterst links op het podium en alle groepsleden stonden rustig op een rij. Geen torens van versterkers en apparatuur, maar kleine versterkers en een kleine drum. Helemaal rechts een echte cowboy met een pedal-steel en daarnaast een lap-steel, de drums en de enige vrouw in de groep (The Pariah Dogs) op bas. De groep was enorm statisch en enkel de spots wisselden eens.

    Heel schattig vond ik hoe Ray tussen de nummers steeds zachtjes het ritme aftelde (lang leve de fantastische akoestiek van een echte concertzaal). Ergens online had ik een oude review gelezen waarin hem werd verweten geen frontman te zijn, maar dat klopt echt totaal niet. LaMontagne interageert met zijn publiek en lijkt gewoon een verlegen, integer en heel bezield man te zijn. Naast zijn prachtige, unieke zang is zijn stem trouwens ook mooi als hij gewoon spreekt,maar dit geheel terzijde.

    Heel leuk was dat de Secret Sisters twee keer als backing vocals mochten terugkomen, bijvoorbeeld tijdens de Merle Haggard-cover Mama tried.

    Absolute hoogtepunten van een over de ganse lijn sterk concert waren ondermeer Repo Man, waarin Ray een iets ruigere kant laat zien die hem fantastisch afgaat en de drummer de show stal. Maar ook  God Willin' and the Creek Don’t Rise,  Like Rock and Roll & Radio, I Forgot More Than You'll Ever Know en een alternatieve versie van You Are The Best Thing waren oorstrelend en om duimers en vingers van af te likken. Ray houdt er blijkbaar wel van om tijdens zijn shows terug te grijpen naar de originele versie van zijn nummers boven de geproductete plaatversie. Na een staande ovatie kreeg het hongerige en enthousiaste publiek met Hold You In My Arms en Trouble nog twee bisnummers, waar dat er van mij nog wel een stuk of tien meer mochten zijn. LaMontagne kan probleemloos een volle zaal anderhalf uur aan zijn lippen gekluisterd houden en naar huis sturen met de vraag hoe snel we hem nog eens aan het werk kunnen zien.

     

  • Rundskop

    rundskop.jpgDe nieuwe film met Matthias Schoenaerts wordt flink gehypet. Geen programma, krant, tijdschrift,… waar deze film niet al in het lang en het breed aan bod kwam lang voor hij in de zalen te zien was. En de hype slaat aan, tijdens het eerste weekend dat de film uit was, zaten de zalen afgeladen vol. De superlatieven in de filmbesprekingen moeten de mensen behoorlijk nieuwsgierig gemaakt hebben.
    Zelf twijfelde ik even, als overtuigd vegetariër word ik behoorlijk ziek van slachthuizen en het hele vetmesterijgedoe. Maar hoe meer ik over de film las, hoe meer ik toch geïntrigeerd raakte. Schoenaerts is volgens mij een van de betere acteurs die ons land telt, het hele verhaal van de 27 kilo die hij is bijgekomen en het obsessieve zich totaal op die rol storten waarvan dit een illustratie is, de stuk voor stuk extatische kritieken, …

    Voor de film leerde Schoenaerts Truiens en er was al heel wat aandacht voor de streek, het sappige dialect en de ondertitels in de film. Van mij mogen ze de ondertiteling alvast schrappen, eindelijk eens een film in de taal van mijn geboortestreek.

    De film volgt vetmester Jacky Vanmarsenille (Matthias Schoenaerts) tijdens de nasleep van de moord op een politieagent (wat uiteraard herinnert aan de zaak Van Noppen). Maar eigenlijk gaat het niet echt om die moord of om de hele hormonenmaffia. Ok, als kijker krijg je inzicht in dat milieu, hoe je er als kind al leert de runderen in te spuiten tussen hun hoeven en de verschillende hormonen leert onderscheiden alsof het even natuurlijk is als het water in de drinkbak van de beesten. Maar daar draait het niet om. Enkel Jacky is hier van belang.

    Deze jonge dertiger heeft het bedrijf van zijn ouders overgenomen in een Limburgs dorpje vlakbij de Waalse grens. De flikken die de boerderij in de gaten houden, hebben het smalend over ‘de rundskop’. Jacky barst bijna uit zijn vel van de spieren, die hij op dezelfde manier kweekt als zijn dieren, met de spuit in zijn achterste. Schoenaerts wou Jacky het uiterlijk geven van een minotaurus, het mythische dier met de kop van een stier. Zo voelt Jacky zich ook, als een stier op zijn bedrijf.

    Al vroeg voel je aan dat een zwaar trauma aan de basis ligt van Jacky zijn harde, gesloten, bijna gepantserde lichaam en ziel. In de loop van het verhaal vallen de stukjes van de puzzel langzaam in elkaar. Wanneer tijdens een deal met een malafide West-Vlaamse vetmester (rol voor danser/choreograaf/acteur Sam Louwyck) Jacky plots geconfronteerd wordt met de beste vriend uit zijn jeugd, begint zijn krampachtig bij elkaar geweven leven stukje bij beetje te ontrafelen.

    Rundskop is een film zoals Vlaanderen nog maar zelden gezien heeft. Wees dus maar gerust dat de superlatieven in al die filmbesprekingen 100 % terecht zijn. Films zoals deze worden hier gewoon niet gemaakt. Cinema, geen veredelde tv-film. Met dank aan de prachtige beelden (de onheilspellende bomen, de indrukwekkende uitgestrekte lucht, een draaitrap in een Luiks appartementsgebouw, de naakte gespierde rug van Schoenaerts), de film zit overladen met beelden die zich op je netvlies branden. Dit in combinatie met de fenomenale acteerprestatie van Matthias Schoenaerts, die hier de rol van zijn leven gespeeld heeft, en het onwaarschijnlijk pakkende verhaal zorgen voor een film die je nooit zal vergeten. Deze morgen was het eerste waaraan ik dacht bij het wakker worden: Jacky Vanmarsenille.

    De film is donker en hard. Toch zitten er genoeg lichtvoetige elementen in. De kolder zit vooral bij de twee Waalse garagisten, een onwaarschijnlijk komisch duo. Vreemd hoe die humor toch werkt in deze voor de rest niet echt grappig bedoelde film.

    Ben je van plan in 2011 maar één film te zien, laat het dan deze Rundskop zijn. Regisseur Michaël Roskam leverde hier een absoluut meesterwerk af. Indien het een Amerikaanse film was, hij zou de wereld rondgaan en diverse prijzen winnen, daarvan ben ik zeker. Benieuwd hoeveel potten hij nu als Vlaamse film zal breken.

  • The National in Vorst, of hoe ik dankzij de MIVB-staking een half uur te laat kwam op het concert van het jaar en drie uur deed over 9km

     

     

     

    Het begon nochtans goed; Vorst ligt op zo’n 9km van mijn werk en in superomstandigheden doe je daar 20 minuten over. Omdat het Brussels verkeer echter nooit echt super te noemen valt, vertrokken we anderhalf uur op voorhand. Om 18u vertrok mijn wederhelft op zijn werk, tegen 18u20 pikte hij mij op.

    Een uur later stonden we toch al 1 km verder. Nog 8 te gaan. Op de ene rijstrook (we zijn recht door de stad gereden, de vorige keer deden we er via die weg iets van een 35 minuten over) was het meer stilstaan dan rijden. Taxi’s, Lijnbussen en haastige terreinwagens en BMW’s scheurden ons voorbij op de trambaan. Ik dacht, in al mijn naïeviteit, dat het enkel beter kon worden. Nog een uur te gaan, we zouden er wel raken. Het werd echter enkel erger. Het verkeer viel volledig stil. Bij elk groen licht duurde het 3 of 4 beurten eer er 1 auto door kon. Een bepaald moment stond het verkeer drie rijen (dus op beide trambanen) dik en volledig stil.

    Na twee uur kwamen we aan het kruispunt met de kleine ring. Hier bleek het probleem te zitten. Doordat het verkeer zo traag ging, waren verkeerslichten nutteloos. Je reed door het groen het kruispunt op en kwam dan middenin vast te zitten. De auto’s van de andere straten beginnen te rijden en zo stond het constant snuit aan snuit. Zelfs de Lijnbussen gaven het op en lieten de mensen uitstappen. De politie kwam. En vertrok. Twee combi’s zien passeren maar meer dan toeteren en zwaailichten aanzetten en erdoor racen deden ze niet, ze lieten de mensen compleet aan hun lot over. Na laaaang aanschuiven strandden we zelf midden op het kruispunt. We konden niet voor- of achteruit, niet links of rechts, overal stonden andere auto’s stil. Uiteindelijk zijn enkele chauffeurs uitgestapt en zijn de zelf het verkeer beginnen regelen en instructies geven terwijl een verbaasde toerist stond te filmen.

    Eens dat kruispunt over gingen de overige 6 km overigens supervlot. Tegen 21u kwamen we aan Vorst. Uiteraard was er dan geen parking meer. Er is geen parking aan de zaal en in de omliggende wijk staan de bewoners al geparkeerd en zijn het overal uitritten en poorten waar je niet mag parkeren. We reden verloren, vonden de weg terug, maar nog geen parking. Het was ondertussen al 21u20 en ik was helemaal geflipt. Na de berusting en de woede nu enkel nog gefrustreerde tranen. Mijn wederhelft was bovendien al enkele dagen  een beetje ziek. Hij heeft me uiteindelijk uit de auto gekieperd voor de zaal. Toen ik aan de deur kwam, zei de security direct ‘deuxième balcon’. My worst nightmare. Ik ben daar al eens gestrand in gelijkaardige omstandigheden na file op de grote ring bij Sigür Ros, never again had ik toen gezworen, je hoort daar niks en je ziet nog minder. Toen ik aan het eerste balkon kwam, ben ik daar dan kunnen binnenglippen en op de achterste rij was nog plaats. De mensen zaten overal op de trappen tussen de zeteltjes. Ik dacht dat dit een Club-concert was en dat de bovenste ring niet eens opengesteld was, maar Vorst heeft mij dus weer liggen gehad, ondanks anderhalf uur op voorhand vertrekken voor een afstand die je op een half uur overbrugt kon ik dus nog steeds geen staanplaats veroveren.

    Mijn wederhelft is niet meer binnen geraakt. Rondrijden en geen parking vinden. Uiteindelijk ergens een illegaal plekje maar een geluk dat hij is blijven zitten in de auto want een kwartier later stond de sleepwagen er. De mensen die nog na ons toekwamen en daar hebben geparkeerd, wachtte dus nog een leuke verrassing. Het was 22u eer hij een parkingplaats had gevonden en tegen dan was hij het meer dan beu. Tja.

    Zelf zat ik dus alleen en totaal op van de zenuwen daar in de nok van Vorst, helemaal niet meer in de stemming. Het spreekt voor The National dat ik na twintig minuten balen en omstandigheden from hell toch nog in het optreden geraakt ben. Het feit dat ze vrij akoestisch spelen zorgde voor minder strontgeluid dan normaal in Vorst. Er viel zowaar nog van muziek te genieten. Tegen het einde had ik me volledig neergelegd bij mijn lot en genoot ik er zowaar van, van de adembenemende nummers van Matt Berninger en de zijnen, zijn zotte fratsen (is die nu echt op zijn smoelwerk gevallen of was het part of the show? De security werd helemaal gek toen hij het ganse middenplein overstak en dan omhoog kroop, ik had niet gedacht dat hij dat in deze zaal zou zien zitten), het kippenvel sluitstuk Vanderlyle Cry Baby (alhoewel het amper te horen was waar ik zat), de teksten die ondertussen iedereen kon meezingen (en heel soms ook deed), ‘Anyone’s Ghost’, prijsbeest ‘Bloodbuzz Ohio’, ‘Sorrow’, Affraid of Everyone’, ‘Runaway’, ‘England’, ‘Terrible Love’ , ‘Mistaken for Strangers’, ‘Squalor Victoria’, ‘Apartment Story’,‘Fake Empire’, ‘Abel’, stuk voor stuk hoogtepunten, een lange trip waar zelfs een van de ergste verkeersopstoppingen ooit niks aan konden veranderen. Na drie bissen zat de show er om iets voor 11 op en had ik toch nog een dik uur gezien. En dat uur was zo sterk dat het het uiteindelijk wel waard was. Al ben ik supergelukkig dat ik ze in november in Parijs in echt goede omstandigheden heb gezien. De zes uur auto en de superzaal zijn te verkiezen boven de Brusselse chaos en de betonnen bunker.